Op 9 april stond de Belgische pater in DR Congo een grote verrassing te wachten. Na een vergadering van Scheut in het provinciaal huis in Kananga, kwam een delegatie van de Belgische ambassade en de EU langs met een betekenisvol kleinood in een doosje: het ereteken van Ridder in Leopoldsorde. Door naar Kananga te komen om deze onderscheiding persoonlijk uit te reiken, gaven de diplomatieke vertegenwoordigers het werk van de missionaris een bijzondere eer.
‘Deze onderscheiding bekroont een loopbaan die gekenmerkt wordt door trouw, discretie en een voortdurende nabijheid bij de moeilijkste menselijke realiteiten’, vindt viceprovinciale overste Crispin Landa Nyogbiayo.
Als we hem bellen, is Ivo Vanvolsem nog onder de indruk. ‘Ik weet niet hoe het komt dat ik die erkenning nu plotseling krijg, maar ik heb hem gevierd met alle medewerkers van ons opvanghuis voor straatkinderen. In mijn ogen is de erkenning voor hen. Alle lovende woorden van het Koningshuis zijn aan hen gericht.’
Het typeert pater Ivo dat hij de aandacht meteen van zichzelf naar zijn medewerkers verlegt, en naar de kwetsbare mensen voor wie hij zich al vele decennia met hart en ziel inzet. Toch kon er bij de uitreiking ook een grapje af: ‘Ridder? Maar waar is mijn paard dan?’, lachte de missionaris. En naar welke Leopold is deze erkenning eigenlijk genoemd? Ivo weet het niet en lacht: ‘Misschien naar mijn medebroeder met die voornaam?’
Schrijnende toestand in gevangenis
Al bijna dertig jaar is de scheutist aalmoezenier van de gevangenis van Kananga. Daar verblijven momenteel 585 mensen. En de toestand is dramatisch. ‘Sinds twee maanden ondersteunt de overheid de keuken niet meer en worden er dus geen maaltijden meer bereid’, vertelt de scheutist. ‘Wie geen familie heeft om voedsel te brengen, lijdt honger. 325 mensen staan al op de rand van ondervoeding.’
Vrijwilligers van de naburige parochies brengen dagelijks maaltijden voor dertig mensen. ‘Aspirant-scheutisten brengen de maaltijden naar binnen en slagen er ternauwernood in om ze voor te behouden aan de meest noodlijdenden en de eisen van bewakers en andere hongerigen af te slaan.’
Als aalmoezenier is pater Ivo daarbij ook een luisterend oor. ‘Zijn benadering is diep menselijk’, schetst de viceprovinciaal. ‘Hij luistert naar de gedetineerden, begeleidt hen in hun beproevingen en moedigt hen aan om niet in wanhoop te vervallen. Hij verdedigt hun waardigheid in een omgeving waar die vaak zwaar op de proef wordt gesteld. In de loop der jaren heeft Ivo een klimaat van vertrouwen weten te creëren en is hij voor velen een raadgever en soms de enige strohalm van hoop geworden. Op een plek waar vergetelheid de norm lijkt te zijn, herinnert hij er door zijn aanwezigheid aan dat ieder mens aandacht en respect verdient.’
Straatkinderen worden familie
Geconfronteerd met de ellende van verlaten of verstoten kinderen, richtte hij het opvangcentum Mpokolo wa Muoyo op. ‘Het is een waar toevluchtsoord voor kinderen in bijzonder kwetsbare situaties’, zegt pater Crispin. ‘Ze vinden er veel meer dan alleen onderdak: bescherming, zorg, begeleiding en vooral geduldige ondersteuning bij de re-integratie bij familie.’
‘We zijn geen weeshuis’, legt pater Ivo uit. ‘We proberen kinderen die door hun familie verstoten zijn, vaak op beschuldiging van hekserij, terug in de familiekring te integreren.’ Momenteel verblijven er 47 kinderen in het centrum. Per jaar worden in totaal wel 400 mensen opgevangen. Behalve kinderen kunnen ook vrouwen en moeders op de vlucht er terecht, net als ex-gedetineerden die geen familie of onderdak hebben. ‘Allemaal samen vormen we één grote familie.'
Iedereen die in het centrum komt, heeft schrijnende toestanden meegemaakt. De medewerkers en pater Ivo helpen kinderen en volwassenen naar herstel, vertrouwen en geloof in de toekomst.
Verdiende erkenning
Koning Filip eert met de onderscheiding van Ridder in de Leopoldsorde aan scheutist Ivo Vanvolsem niet alleen een missionaris, maar ook de concrete en diepgaande impact van een langdurig engagement te midden van de grootste uitdagingen. Ze werpt een licht op de mensen in gevangenissen die soms meer op een vergeetput lijken, op het lot van verlaten kinderen, en op het feit dat het anders kan.
‘Boven de medaille uit blijft de menselijke impact van zijn werk het meest indrukwekkend’, vindt pater Crispin: ‘Levens die weer op de rails zijn gezet, waardigheid die is hersteld, wegen naar de toekomst die weer zijn geopend. In een wereld die vaak wordt gekenmerkt door onverschilligheid, herinnert zijn inzet ons aan een essentiële waarheid: zelfs de eenvoudigste gebaren kunnen levens blijvend veranderen.’ (LW)